Author Archives: AdminRichard

verborgen rouw pastoraat

Verborgen rouw in het pastoraat

Verlies verwerk je niet, je geeft het een plaats

Het is, denk ik, standaard stof in elke pastorale opleiding; omgaan met Rouw. De theorie over rouwverwerking is niet erg complex. Iemand die verlies lijdt, zal dat verlies moeten verwerken, beter gezegd, een plek geven aan dat verlies. Hij doorloopt een aantal fasen en moet een aantal rouw taken verrichten, om het verlies een plek te geven.Toch laat ik me nog wel eens verrassen door “verborgen rouw” in het pastoraat. Er wordt meer gerouwd dan we denken. We rouwen niet alleen over het overlijden van een geliefde maar om heel veel andere zaken. Verlies van een baan, of een vriendenkring wegens verhuizing voor het werk.  En wat te denken van dingen die je maar liever niet zegt tegen een ander. De vraag is die je als pastor of voor jezelf moet stellen is: Herken ik op tijd bepaalde gedrag of bepaalde emoties als rouw? Als ik het niet herken dan is er sprake van verborgen rouw.

Rouw fasen van Kübler Ross

Voor wie zich nog nooit in rouw begeleiding heeft verdiept, even een korte introductie op dit thema. Voor de overige lezers even een korte opfrisser. Een van de eersten die rouwverwerking systematisch besprak was Elisabeht Kübler Ross. Zij beschreef de rouw overigens niet vanuit het standpunt van degenen die een overleden familielid hadden, maar vanuit de ernstig zieke of stervende zelf. Het rouwen begint dus al voor de dood,namelijk bij de zieke die afscheid moet nemen van zijn lichamelijke mogelijkheden en uiteindelijk zijn geliefden.
Kübler Ross benoemde verschillende rouw fasen: (1) Ontkenning en isolering. Het slechte nieuws dringt nog niet door, het slechte nieuw kan en mag gewoon niet waar zijn; (2) Woede, gevoelens dat het niet eerlijk is e.d. (3) Marchanderen, een soort onderhandeling met het lot, of in de christelijke context met God. (4) Depressie; deze fase kon ook worden overgeslagen, maar in ieder geval is er hoogstwaarschijnlijk een tijd van lamgeslagen zijn, murw zijn. (5) Tot slot aanvaarding van het onvermijdelijke. Later ging Kübler Ross inzien dat de volgorde van de verschillende fasen kan veranderen. Er zijn ook wel andere modellen om rouw te beschrijven, maar ik wil even bij deze beschrijving blijven stil staan.

Het mooie van dit model is dat het de gevoelens benoemd die iemand kan hebben bij verlies en dat dit waardevrij gebeurd. De gevoelens die zo iemand heeft bij het doorlopen van deze fasen, zijn niet goed of fout. In het pastoraat doe je er dan ook verstandig aan niet betuttelend te reageren als mensen in een golf van emoties terecht komen. Zo gaan die dingen nu eenmaal. Als pastoraal werker, kun je daarom bijvoorbeeld iemand die zich schuldig voelt over zijn woede tegenover God. De pastoraal werker kan zeggen; “We zijn niet gemaakt voor de dood, dus nee het is niet raar dat je daar in je onmacht zo boos over bent. Eigenlijk hebben de meeste mensen dat. Het mag, vertel eens wat gaat er allemaal in je om…”

Overigens zijn er ook mensen die gewoon ongegeneerd boos op God zijn. Die hebben jouw toestemming helemaal niet nodig en die hoef je ook niet te vermoeien met het feit dat anderen dat ook hebben. Een eenvoudig luisteren en vragen hoe ze er verder mee willen gaan is in dat geval genoeg.

Verborgen rouw.

Wat het model ook zo interessant maakt is dat het toepasbaar is op heel veel situaties van verlies. Bijvoorbeeld het verlies van een baan, of een huwelijk, of gezondheid of…. nou ja, vul maar in. Je moet het alleen wel herkennen als verlies. Als beginnend pastor volgde ik jaren geleden de gereformeerde predikantsopleiding. We hadden zojuist de rouwtaken besproken en het was tijd voor een oefening en een rollenspel. Met enige jeugdige overmoed wilde ik wel vrijwilliger zijn om de pastor te spelen. De mevrouw die ik moest bezoeken was zogenaamd nieuw in de gemeente. Haar man was overgeplaatst naar een andere vesting van het bedrijf waar hij voor werkte en daarom waren ze in onze mooie gemeente komen wonen. Ze zat alleen niet zo lekker in de gemeente en daar wilde ze over praten. Toen we begonnen met het rollenspel, kreeg ik meteen een bak zurigheid over me heen. Mevrouw had grote onvrede over de gastvrijheid van de gemeente en ze voelde zich daarom eenzaam. In haar vorige woonplaats was gewoon alles beter. Nu kan ik niet zo goed tegen mensen die over anderen zitten te zeuren, dus ik schoot meteen vol in een allergische reactie. Misschien dat mevrouw zelf iets moest gaan ondernemen en haar best moest doen om aansluiting te zoeken, zo luidde mijn “wijs” advies. Ik kwam niet over en na wat heen en weer gepraat werd ik door onze docent uit mijn lijden verlost. “Of ik enig idee had waar mevrouw mee zat?” vroeg hij. Ik slikte een paar woorden in over een te groot ego en een gebrek aan zelfreflectie. Mijn medestudenten hadden het veel sneller door. Mevrouw had toch duidelijk gezegd dat ze haar vorige woonplaats miste. Als het aan haar gelegen had, was ze helemaal niet verhuisd. Ze was in de rouw, en wel in de fase van boosheid. Het verlies van vriendschappen en relaties is immers een groot verlies. Ze zijn niet zomaar vervangbaar. In plaats van haar een veilige plek te geven voor die boosheid was ik vanuit mijn allergie over zeurende mensen, daar straal langs heen gegaan. Gelukkig was het maar een rollenspel anders weet ik niet of mevrouw in mijn gemeente had willen blijven. Na al die jaren, vraag ik me nog steeds af bij mensen die boos zijn. “Waar ben je nu werkelijk boos of gedeprimeerd over. Is er een verlies waarvan ik niet weet?” Als pastor is het overigens handig om te weten op wat voor gedrag je een allergische reactie krijgt. Want als je in je allergie stapt, kan je niet meer goed luisteren en dat is iets wat je moet zien te voorkomen.

Verborgen rouw: Stil verdriet waar je niet over praat

Een tweede moment van verborgen rouw dat me altijd is bijgebleven kwam ik tegen in min stage als kandidaat in een kerkelijke gemeente. Het leek mijn stagebegeleider een goed idee dat ik een paar oudere mensen zou gaan bezoeken. En o ja, er was ook nog die mevrouw waarvan haar man bij een ongeluk een hersenbeschadiging had opgelopen. Hij was nu zo de weg kwijt dat hij in een gesloten instelling zat. Het ongeluk was anderhalf jaar terug gebeurd. Gewapend met mijn kennis over rouw fasen stapte ik bij die mevrouw binnen. Volgens het boekje was het niet ingewikkeld. Goed luisteren en bekijken in welke rouw fase die mevrouw zat en dan daar op aansluiten. Mevrouw ontving mij welwillend en ik vroeg door over haar man en hoe ze zich erover voelde. Toch wist ik, ik ben niet aangesloten. Ik was van binnen meer beroerd over alles wat ze me vertelde dan zijzelf leek het wel. Ik moest me soms beheersen om niet uit te roepen “dat is toch verschrikkelijk voor u”. Maar ze zag er niet uit of ze het allemaal nog zo verschrikkelijk vond. Was ze soms in de fase van aanvaarding? Ik ben soms niet zo snel van begrip, maar uiteindelijk bedacht ik me dat het zinvol zou zijn niet zo gericht door te vragen op wat in mijn beleving toch echt het grote verlies van haar leven zou zijn. Misschien waren er andere dingen die haar bezig hielden? En toen kwam het eruit… haar kinderen hadden zware ruzie. Sommigen gingen vaak bij pa op bezoek, andere juist niet en dat werd door de bezoekende partij niet op prijs gesteld. Dat ging zover dat ze elkaar niet meer wilden zien. Mevrouw kon haar gezin niet meer bij elkaar houden. Tja, dat was natuurlijk niet zo zichtbaar als haar opgenomen man. Bittere tranen en een handvol niet te beantwoorden vragen kwamen naar boven, die we uiteindelijk samen in gebed bij de Eeuwige neerlegden.

Wat dacht je van verder van, rouw over een vroege miskraam, een abortus, een verbroken relatie. Niet echt zaken waar je gemakkelijk over praat, maar die wel diepe impact kunnen hebben op je welbevinden. Wees dus alert op jezelf of op je gesprekspartner en wees je ervan bewust dat verborgen rouw meer voorkomt dat je denkt..

Meer lezen over Kübler Ross en andere modellen over rouwverwerking, kan in deze pdf.
Vond je dit artikel interessant, deel het dan op facebook of twitter en geef je op voor de onderwijsbrief Pastoraat+


van het hoofd naar het hart

Van het hoofd naar het hart

Category : Geen categorie

Heeft u dat ook dat mensen in uw gemeente zeggen: “ik weet het allemaal wel wat God voor mij heeft gedaan, maar het raakt me niet.” Misschien heeft u dat zelf ook wel. Natuurlijk kunnen we het stille onbehagen hierover dempen door te zeggen; we leven uit geloof, niet uit gevoel. Toch staat de Bijbel vol met beloften dat als we God kennen we vrede zullen ervaren; we ons zullen verheugen; we ons geen zorgen hoeven te maken; we ons ten diepste geliefd en geaccepteerd weten. Bijbels gezien is het dus zo dat niet je gevoel de waarheid bepaalt, maar dat ons gevoel ons wel kan vertellen in hoeverre we de waarheid eigen hebben gemaakt.

van het hoofd naar het hart

Photo by Nina J.G.

Hoe komt het dan dat veel mensen in kerken en gemeenten die ervaring niet hebben? Ondanks dat veel mensen wel weten dat God voor hen zorgt, hen accepteert, enzovoort., lijkt het wel alsof er in hun hart een ander programma draait dan in hun hoofd.

Om dat te begrijpen, moet u weten dat we in onze cultuur nogal leven vanuit ons hoofd. Van jongs af aan wordt ons dat ook geleerd. We moeten dingen begrijpen, de logica inzien en vandaar uit handelen. We denken de waarheid te kunnen ontdekken met ons hoofd. Zodra onze kinderen kunnen lezen, leren we ze begrijpend lezen, tekst analyseren en zonder dat we het doorhebben, wordt het hart buitenspel gezet.

Onopgemerkt is deze manier van omgaan met de waarheid ook in ons kerkelijk leven binnengeslopen. Veel boeken over geestelijk leven staan vol met uitleg over hoe het zit, principes van geestelijk leven en vooral hoe je moet denken en wat je moet doen. Vanuit een rijke pastorale en persoonlijke ervaring kan ik zeggen dat deze boeken, hoe goed sommige ook zijn, mensen met een verwond hart niet wezenlijk bereiken.

De beroemde geleerde Blaise Pascal zei hierover: “het hart heeft redenen die het verstand niet kent.” Blijkbaar accepteert ons hart niet altijd elke boodschap dat ons verstand haar wil vertellen. Als om wat voor reden dan ook het hart zich afsluit, als je diep van binnen weet dat liefde niet voor jou is, dan is al het schrijven en preken over de liefde van God vergeefse moeite. De waarheid komt niet van je hoofd naar je hart/

Verstoorde beelden in ons hart

Uit het hart, zegt Spreuken, komen de oorsprongen van het leven. In ons hart ligt verborgen wat liefde voor ons betekent, wat een vader voor ons is en dus ook wie God voor ons is. Helaas leven we in een gebroken wereld en zijn onze beelden van echte liefde, van echt vaderschap en van wie God werkelijk is verstoort. De beelden die het hart heeft, worden al op jonge leeftijd gevormd en soms misvormd. Het zijn die diepe overtuigingen van het hart die aangesproken en hervormd moeten worden.

Hoe doe je dat? We kunnen daarin een voorbeeld nemen aan hoe Jezus dit deed, of Paulus. Jezus gaf zijn onderwijs niet als een systematische theologie. Hij gaf geen zeven principes voor het geestelijk leven, maar hij gebruikte verhalen en beelden. Zelfs wat hij doet zit vol met betekenis. Verhalen en beelden doen een beroep op ons voorstellingsvermogen en hebben daardoor de kracht om het hart te raken. Jezus legt zijn gelijkenissen meestal niet uit. Hij laat je achter met je eigen voorstellingsvermogen. Ik herken mij in het verloren schaap of ik herken mij in de bange knecht die zijn talent verbergt! Bij Jezus komt het hart eerst, en dan het begrijpen en de verandering van handelen.

Veel sprekers en theologen hebben van Paulus een theoloog gemaakt die uitlegt hoe het zit in het christelijk leven. We zijn daardoor het zicht kwijt op de verhalenverteller en woordkunstenaar Paulus die ons in het hart wil raken. In krachtige woord-beelden laat hij zien hoe Gods redding werkt.

Paulus laat je sterven met Christus en nodigt je uit je voor te stellen dat je bij je eigen begrafenis bent. Wie ben ik als ik begraven ben met Christus? Wat is de grafrede die daarbij hoort? Wat een rust hè. Nooit meer toe te hoeven geven aan de macht van de zonde. Nooit meer wroeging over dat het weer niet lukte. Het is allemaal voorbij. Wie ben ik als ik daarna opsta uit de dood. Kun je het je voorstellen hoe je dan tegen het leven aankijkt? Zo tuimelen we van het ene beeld in het het andere en daardoor opent Paulus ons hart zodat er authentieke geestelijke groei ontstaat waarbij hart en hoofd verbonden zijn. De verbeelding brengt ons van het hoofd naar het hart.

Meer weten over dit onderwerp? Schrijf je dan in op de blog van Pastoraat+